Orthopedie

In onze praktijk houden wij ons sinds 2008 bezig met bot en gewrichtsoperaties (orthopedische operaties).
Omdat je als dierenarts, hier in Nederland, redelijk weinig orthopedische kennis en -kunde leert tijdens de opleiding, is het voor de meeste dierenartsen wel mogelijk om een diagnose te stellen, maar moet de patiënt daarna al snel naar een specialist orthopeed worden doorgestuurd. Dit is vaak duurder, kost jou als eigenaar erg veel extra tijd, en is vanwege vervoersproblemen van en naar de specialisten kliniek niet voor iedere client een passende oplossing.

Om die reden zijn wij in onze praktijk gestart met opleidingen te volgen om de bot en gewrichtskennis en Yolanda Elbertse op Nashville congres AAHA 2014 kunde beter te leren. Hiervoor moet je in 90% van de gevallen naar het buitenland, maar dat is niet zo’n probleem. Elk jaar gaan we op die manier voor u op stap om de nieuwste technieken te leren.

Sommige dierenartsen hebben het vak van een oudere collega geleerd, maar dit leidt nog weleens tot het gebruik van verouderde methodes die vaak door nieuwere, verbeterde technieken al lang zijn ingehaald. Dit betekend dat ook wij op onze praktijk elke keer opnieuw naar een nieuwe cursus of congres moeten om te zorgen dat uw dier met de beste en nieuwste techniek en kennis wordt geholpen, maar dit hebben wij er graag voor over.

Lees hier meer over Botbreuken.

Lees hier meer over Elleboogproblemen.

Lees hier meer over Heupproblemen.

Lees hier meer over Knieproblemen.

Lees hier meer over de Kapotte Kruisband.

Lees hier meer over de Losse Knieschijf.

Lees hier meer over Meniscusproblemen.


Botbreuken

Een gebroken poot is altijd een vervelend en groot probleem voor uw hond of kat. Ineens heeft hij of zij veel pijn en kan hij of zij een van zijn/haar poten niet meer gebruiken.
Veel botbreuken bij de hond en de kat komen voor aan de onderpoten. Als het om een makkelijke(=enkelvoudige, niet te schuine) breuk gaat is dit heel goed met een spalk te verhelpen. Maar zo gauw het een moeilijke breuk is, of het bot verbrijzeld is, of het is een breuk aan de bovenpoten, of niet 1 maar alle teentjes zijn gebroken, dan helpt een spalk niet meer.

Om die reden heb ik diverse opleidingen gevolgd, in Londen, Munchen, Utrecht, Edinburg en zo meer, om ook die breuken voor uw hond met platen en schroeven te laten genezen. Doordat we ons elke keer weer houden aan de regels van dit vak hebben we er in onze praktijk, mag ik wel zeggen, hier uiterst goede resultaten mee. Zodoende kan de gebroken poot snel genezing en is de pijn voor uw dier snel verholpen.

Mocht u een hond of kat hebben waarbij net een gebroken poot is geconstateerd die niet met een spalk te helpen is, maak dan een afspraak met onze vestiging in Hoogvliet via 010-2950530.


Elleboogproblemen (LPC)

Elleboog problemen ontstaan nogal eens in het eerste levensjaar. Als uw hond 7 of 8 maanden is kan het u gaan opvallen dat uw hond af en toe mank loopt aan zijn voorpoot. Vaak verdwijnt dat na een paar dagen, maar loopt ie op andere dagen weer mank aan dezelfde of zelfs aan de andere voorpoot. Neem mank lopen aan de voorpoten op deze leeftijd serieus. Ook als het maar een paar dagen duurt. Op tijd de diagnose stellen kan er voor zorgen dat uw hond in de toekomst veel problemen bespaard kan worden. In onze praktijk is het mogelijk om uw hond te laten helpen aan elleboogproblemen.

Vaak weet u (nog) niet of uw dier last heeft van de elleboog, maar wij, of uw eigen dierenarts kan deze diagnose voor u stellen. Op het moment dat er het vermoeden is dat uw hond last heeft van elleboog problemen maken we eerst röntgenfoto’s.

Allereerst ter bevestiging van het probleem, als tweede om ook de andere elleboog te controleren (vaak komt het aan beide poten tegelijkertijd voor), en ten derde om de stand van zake vast te stellen. Er wordt dan gekeken of er al veel botveranderingen in het gewricht aanwezig zijn, of heeft het gewricht nog juist weinig zichtbare veranderingen, en is de pijn nog het meest duidelijke signaal.

We weten nog niet alles van deze aandoening af, maar met zekerheid speelt erfelijkheid een rol. Dit weten we omdat bepaalde rassen er min of meer standaard last van hebben en andere rassen totaal niet.

Ten tweede weten we dat het vaak al fout gaat in de groei van pup tot volwassen hond. Tijdens het groeien wordt een bot langer door eerst een stukje kraakbeen aan te leggen en dit daarna om te bouwen naar bot. Door een verkeerde ombouwing van kraakbeen naar bot in de elleboog ontstaan de problemen.

Er zijn bepaalde plekken in het ellebooggewricht waar problemen veel meer voorkomen dan in andere plekken. De LPC komt het vaakst voor van alle problemen met de elleboog. Het processus coronoideus (PC) is een uitstulpsel van de ellepijp. Men vermoed dat dit komt omdat dit waarschijnlijk de plek is waar de meeste krachten oprukten tijdens het lopen, terwijl het toch maar een kleine ondersteuning heeft.

Hoewel het meestal een probleem is in de groei en dus bij de jonge hond voorkomt, is sinds kort bekend dat ook honden van 7 – 8 jaar dan pas voor het eerst symptomen gaan vertonen.

Bij ons op de praktijk helpen we honden met elleboogproblemen via arthroscopie (= kijk operatie in een gewricht). Dit kan helaas niet bij alle dieren. De hond moet er wel groot genoeg voor zijn. Maar meestal zijn het ook deze grotere rassen die elleboogklachten krijgen. `via arthroscopie kan een diagnose worden gesteld, maar kan ook in geval van bijvoorbeeld LPC het foute stukje kraakbeen verwijderd worden.

Bij LPC helpt het om in een vroegstadium in het ziekteproces het foute stukje kraakbeen te verwijderen. Dit verminderd de pijn enorm. Ik heb patiënten gehad die behoorlijk pijnlijk en mank liepen en echt niet meer wilde spelen die na operatie weer helemaal vrolijk en echt enthousiast naar huis liepen. Puur omdat de pijn weg was. Vijftig procent van deze patiënten heeft zelfs na de kijkoperatie minder pijn dan daarvoor, terwijl ze net geopereerd zijn.

Weliswaar weten we de kans aanwezig is dat de hond op latere leeftijd als nog last kan krijgen van die geopereerde elleboog. Maar in ieder geval is uw hond vele jaren van ernstige pijnklachten af. En dat is beter dan de pijn niet weg te opereren.

Nog onderzocht wordt of we die klachten op latere leeftijd ook kunnen voorkomen. Hier is een veel belovende behandeling voor ontwikkeld, die nu samen met de arthroscopie wordt ingezet. Wij houden dit voor u in de gaten. Als de resultaten inderdaad goed blijken te zijn zullen we, over een of twee jaar, die extra techniek ook in onze praktijk aanbieden.

Voorlopig is arthroscopie en het verwijderen van het foute stukje kraakbeen bij LPC het beste voor uw hond. De pijn is vaak direct weg. En, behoudens de eerste weken, na de operatie loopt uw hond weer optimaal.

Voor afspraken om uw hond te laten bekijken of helpen maakt u een afspraak op onze vestiging in Hoogvliet via 010-2950530.


Heupproblemen (HD)

Ik denk dat heel veel eigenaren wel eens van HD gehoord hebben. Zeker als u een labrador of Duitse Herder heeft. Toch leg ik het graag voor u uit.
Een hond met HD krijgt al op jonge leeftijd moeite met lopen. Met name op de leeftijd van 8 a 9 maanden loopt de hond achter af en toe mank of sommige jonge honden lopen met een wiebelkont. Maar vaak verdwijnen die klachten weer. En de meeste honden met HD hebben tussen de leeftijd van 1 tot 5 a 6 jaar helemaal geen last van deze heupen. Maar, helaas, op gevorderde leeftijd krijgen ze dan toch weer te maken met pijn. Dit uit zich door moeilijk lopen of moeilijk opstaan.

Ik heb cliënten gehad die alleen maar dachten dat zij een hele lieve, volgzame pup hadden omdat ie altijd direct ging zitten als zij tijdens de wandeling even aan het kletsen waren. Maar later bleek dat de hond nauwelijks heupen had en dus ging zitten vanwege de pijn.

Als u zoiets merkt aan uw pup kom dan langs en laat röntgenfoto’s maken van de heupen van uw hond. Als we er vroegtijdig bij zijn (het eerste levensjaar) is er vaak met een operatie veel pijn te voorkomen.

Als u een hond heeft van een HD gevoelig ras dan kunt u, op onze praktijk, tegen een gereduceerde prijs, tijdens de sterilisatie of castratie van uw hond, een röntgenfoto van de heupen laten maken. Zodoende weten we hoe de heupen van uw hond er voor staan.

In de groei gaat het soms mis met het heupgewricht. Het heupgewricht is een kommetje waarin het perfecte bolletje past van het bovenbeen. Hierdoor is het mogelijk dat we onze heupen naar voren, naar achteren maar ook naar buiten en naar binnen kunnen draaien.

Het bolletje wordt in het kommetje gehouden door een stukje bindweefsel. En men vermoed dat daar hier nou net de clou zit.

Als het stukje bindweefsel te lang is, dan valt het bolletje heel makkelijk uit het kommetje. En dat zorgt er voor dat tijdens de groei het kommetje en het bolletje niet mooi samen rond groeien. Het bolletje wordt vaak vierkanter, en het kommetje wordt soms zelfs een schotel.

Toch zijn de spieren vanaf de leeftijd van 1 jaar vaak sterk genoeg om dit te lange bandje op te vangen. Bij een normale wandeling zal er dus niets gebeuren. Maar als u extra veel met uw hond gaat doen, naar het strand of het bos wat de hond niet gewend is, komen de spieren te kort en zal het te lange bandje toch problemen geven. Het bolletje valt uit het kommetje en dit geeft schade. Schade aan het kraakbeen en schade aan de gewrichtsranden.

Vaak blijkt op de leeftijd van 5 tot 6 jaar het kraakbeen volledig verdwenen te zijn, weg geschuurd zeg maar. En aan de gewrichtsranden ontstaan botnieuwvorming: artrose.

Klachten zoals moeilijk opstaan, af en toe een beetje mank lopen, minder willen spelen, minder enthousiast zijn op of voor de wandeling, en pijn. De ene hond is harder voor zichzelf dan de andere hond, maar allemaal krijgen ze vroeg of laat te maken met de pijn die dit verlies aan kraakbeen en de artrose met zich meebrengt.

U kunt dit verlies aan kraakbeen zo goed mogelijk proberen te voorkomen door kraakbeen-voeding te geven aan uw hond.

Let wel op, er is heel veel op de markt te vinden waarvan wordt beweerd dat het werkt, maar maar een klein aantal producten blijkt na onderzoek een echte werking te hebben. Helaas kunt u niet vertrouwen op de claims van 90% van dit soort producten op internet.

Maar enkele product heeft een (onomstotelijk wetenschappelijk erkend) effect. Dit weten we van een product als J/D voeding van Hill’s. Hierin zitten vele ingrediënten die alle bij (kunnen) dragen aan het erkende succes van J/D.

Ook denkt men dat het uitmaakt op welke manier het juiste ingrediënt in het middel gebonden zit. Dus zelfs een product met een vergelijkbare samenstelling kan dus helemaal niet werken terwijl het andere product met dezelfde samenstelling prima werkt.

Wij raden onze heuppatienten dan ook alleen maar J/D van Hill’s aan of cosequin. Van deze middelen is wetenschappelijk aangetoond dat ze werken en daardoor de pijn verminderen.

Wilt u meer weten hierover of wilt u weten of uw hond last heeft van heupproblemen neemt met een van onze vestigingen contact op. Spijkenisse 0181 690055 of Hoogvliet 010 2950530

Jonge honden, jonger dan een jaar waarvan we weten dat die HD hebben kunnen we helpen een betere werking van hun foute heup te hebben door een bekken kanteling. De heupkom wordt dan zo gedraaid dat hij veel beter het bolletje bedekt. De zwaartekracht werkt dan mee om het heupkop beter in de heupkom te laten vallen. Het is mogelijk om deze operatie op onze praktijk in Hoogvliet uit te laten voeren.

Bij oudere honden komt het meer aan op een goede begeleiding van het probleem met een goede voeding en medicatie.

Wij kunnen u hierbij helpen. Heeft u vragen of verdenkingen neem dan contact met ons op op 0181 690055 of 010 2950530.


Knieproblemen

De knie is een vrij ingewikkeld gewricht. En dit heeft grote consequenties. Als een hond of kat last heeft van zijn/haar knie geeft dit vaak bijzonder veel pijn. Deze dieren lopen vaak bijzonder mank.
De knie is een bijzonder gewricht. In de knie zit bijvoorbeeld een kraakbeenstructuur, de meniscussen, die we in geen enkel ander gewricht tegen komen. Deze meniscussen moeten de enorme grote schokken tussen de boven- en onderpoot opvangen. Als er iets mis is met de meniscus geeft dit veel pijn. Lees verder.

De knie bestaat verder uit het grote bovenbeenbot (dijbeen), en 2 onderbeenbotten. Bij de hond is een van de onderbeenbotten heel dik (scheenbeen) en de andere bijzonder dun (kuitbeen).

Daarnaast hebben we een knieschijf. De knieschijf een groot uitgevallen stuk los bot welke voorop de knie zit. De knieschijf heeft als functie dat de grote dijbeenspier, die je heup met je scheenbeen verbind, netjes aan de voorkant over je knie heen lopen. (we hebben dit soort losse stukjes bot met deze functie ook in allerlei andere gewrichten, maar dan zijn ze vaak maar een paar millimeter groot en geven bijna nooit problemen.)

Om het dijbeen netjes recht bovenop het scheenbeen te houden, ook in een gebogen knie, hebben we binnenin de knie twee bandjes, die kruislings lopen, eentje van voor naar achter, de ander van achter naar voor. De zogenaamde kruisbanden.

Verder is er een gewrichtskapsel om het hele gewricht heen.

Omdat de knie enorm veel bijdraagt aan het afzetten bij een sprong of bij hard rennen zijn de krachten op de knie vrij groot. En dat maakt dat alle structuren goed moeten functioneren om geen pijn te hebben bij het lopen. We denken nu zelfs dat als een hond zowel een slechte heup heeft als een slechte knie de knie waarschijnlijk het meest bijdraagt aan het pijnlijk en mank lopen.

Helaas gaat er nog al eens wat mis met een van de structuren in de knie.

Hoewel er natuurlijk meer knie problemen zijn vertel ik graag iets over de drie meest voorkomende problemen. Vaak hebben deze drie ook nog met elkaar te maken, want de ene kan de andere veroorzaken en andersom.


Kapotte kruisband

De kruisbanden zijn erg belangrijk voor de knie. Zij zorgen er voor dat het dijbeen netjes bovenop het scheenbeen blijft staan.
Omdat de knie van de hond in rust altijd al wat gebogen staat, staat er eigenlijk altijd spanning op deze banden. Wij mensen staan met rechte knieën en daardoor hebben onze kruisbanden het niet zo zwaar als bij de hond. Maar bij honden is dit een uiterst belangrijk onderdeel van de knie.

Niet alleen staat de knie van een hond in rust al in een hoek maar ook blijkt dat bij bepaalde honden het gewrichtvlak van het scheenbeen, ook nog eens scheef op dit bot staat. Hierdoor heeft het dijbeen alleen maar meer de neiging van van het scheenbeen af te glijden.

Door overbelasting kan zomaar bij een verkeerde beweging de kruisband scheuren.

Zo gauw de kruisband kapot is, glijdt het dijbeen telkens van het scheenbeen af. Honden met een kapotte kruisband  gaan daarom als ze stilstaan liever niet met hun gewicht op die kapotte poot staan en nemen een stand aan dat het lijkt alsof ze met hun tenen net de grond aanraken.

Tijdens het lopen kunnen ze hun poot helaas niet ontzien. Als ze hinkelen worden de kuitspieren aanspannen wat er helaas voor zorgt dat het dijbeen juist extra van het scheenbeen wordt afgetrokken. Dus proberen ze tijdens het lopen het gewricht zo stabiel mogelijk te houden. Dit lukt niet altijd en dat geeft pijn.

Het is helaas niet mogelijk om een nieuwe kruisband te plaatsen op de plek van de oude kruisband. Dit lukt gewoonweg niet. Dus hebben we allerlei operatietechnieken geprobeerd om de functie van de kruisband op te vangen.

Bij de mens is de tight rope erg populair. Bij de hond zijn daar toch meer problemen mee. Bij de hond wordt nu vaker een TPLO of een TTA operatie uitgevoerd. Oude dierenartsen, of dierenartsen die nog met verouderde methodes werken leggen nog wel eens een sling of bandje van flo aan (hoewel hiervoor ook allerlei andere namen voor worden gebruikt). De TTA is niet bij elke hond en elke knieafwijking aan te leggen bovendien geeft de TTA na de operatie 3 keer meer kans op meniscus problemen. Daarom dat wij in onze kliniek werken met de TPLO of de tight rope werken.

De TPLO is duurder dan de tight rope maar geeft mooiere resultaten en belangrijker: minder complicaties.

De TPLO is een techniek waarbij je er voor zorgt dat het schuine vlak van het scheenbeen recht wordt gezet. Hiervoor wordt het scheenbeen doorgezaagd, iets gedraaid zodat het schuine vlak nu wel recht staat en daarna weer met een plaat en schroeven aan elkaar gezet.

Lees hier meer over de TPLO-techniek.

Lees hier meer over de Tight Rope-techniek.


Patella Luxatie of Losse knieschijf

Bij vooral kleine honden (maar tegenwoordig ook net zo goed bij bepaalde lijnen van de grote honden rassen) komt een probleem voor van de knieschijf.
Het valt op dat de hond tijdens het wandelen zomaar een van de achterpoten een tijdje omhoog houdt. Meestal wordt ie dan na enige stappen weer aan de grond gezet en loopt de hond gewoon weer verder. Maar bij andere honden kan het pootje een halve wandeling omhoog gehouden worden tijdens het lopen.

De meeste honden kijken hierbij niet naar die poot en lijken er geen last van te hebben. Maar andere honden geven toch aan dat ze pijn lijken te hebben, of geven zelfs een gilletje.

Meestal zijn de honden al een paar jaar oud als dit gebeurt. En vaak wordt in de loop der tijd de poot steeds poot vaker of langer opgetild.

Bij deze honden is de knieschijf van de bewuste poot geluxeerd, naar de zijkant verschoven.

Honden die last hebben van deze aandoening kunnen vaak ook niet meer zo goed springen. Toen de knieschijf nog op de goede plek zat zorgde dit er voor dat de grote dijbeenspier een enorme kracht kan generen, waardoor de hond goed kan springen. Maar op het moment dat de knieschijf er naast ligt  kan de dijbeenspier wel hetzelfde doen, alleen het effect is veel minder groot. De hond kan dan niet meer zo hoog springen

Er zijn verschillende oorzaken hiervoor.

Normaal ligt de knieschijf (die los van het dijbeen ligt) netjes in een groeve aan het einde van het dijbeen en wordt daar door bandjes op zijn plaats gehouden.

Maar bij kleine hondjes zijn de achterpoten net niet helemaal kaarsrecht en zijn ze meestal licht krom. Hierdoor wil de knieschijf liever niet in de groeve blijven liggen en trekt de dikke spier waarin de knieschijf ligt de knieschijf naar een andere plek.

Als dan de groeve waarin de knieschijf moet liggen ook nog vrij ondiep was, zal een van de kanten van de groeve in de loop der jaren afslijten, waardoor de knieschijf op die andere plek kan schieten.

Soms is de groeve altijd al te ondiep geweest of lag de knieschijf altijd al wat boven de groeve. Maar vaker is het dat door jarenlang getrek aan de knieschijf door de hele sterke dijbeenspier de knieschijf uit lood wordt getrokken en het bot van de groeve afslijt.

In de loop van een aantal levensjaren gaat de knieschijf van deze honden steeds losser zitten en kan die van de voorkant van de knie afglijden (meestal) naar de binnenzijde van de knie. Omdat de hond dan zijn poot niet meer kan strekken, loopt de hond dan tijdelijk met dat ene pootje omhoog. Tot de knieschijf weer terug springt.

Bij een bepaalde groep honden springt de knieschijf niet meer vanzelf na enige tijd terug en moet de eigenaar met een bepaalde handeling de knieschijf weer op zijn plaats zetten, zodat de hond weer normaal kan lopen.

Bij een andere groep is de groeve helemaal verdwenen en ligt de knieschijf permanent naast de knie. Deze laatste groep van patiënten loopt bijna altijd weer op 4 poten, maar de poten hebben een enorme 0-been-stand gekregen.

Behandeling

Omdat vele patiëntjes met deze aandoening last hebben of krijgen van deze aandoening is het beter een hond met een verschuivende knieschijf (patella luxatie) te opereren.

Middels een operatie wordt een verschoven knieschijf weer op zijn plaats gezet en proberen we te voorkomen dat ie weer snel terug kan schieten naar de verkeerde plaats.

Tijdens de operatie worden meerdere dingen tegelijkertijd gecorrigeerd.

Er zijn 3 operatie technieken. Allemaal met een ander basisidee en allemaal met hun eigen prijs en prognoses. Onze voorkeur gaat uit naar operatie techniek 3. Dit vanwege het snelle herstel en het permanentere effect.

1) De meest toegepaste (en misschien verouderde) techniek bestaat uit het uitvoeren van meerdere technieken in 1 operatie.

Door al deze maatregelen ligt de knieschijf weer (tijdelijk) in de groeve. Maar als de poot krom blijft, zal in de loop der maanden of jaren de nieuwe verdiepte groeve weer gewoon afslijten en zal de knieschijf weer luxeren. Omdat er veel dingen tegelijkertijd zijn geopereerd, moet je met deze operatie 6 weken rustig aan doen. Dit is best lang.

Bovendien blijkt dat 17% van de hondjes (waarbij door specialisten deze operatie is uitgevoerd) weer terug moest komen voor een herstel operatie. Mogelijk ligt dit getal hoger want niet iedere eigenaar, waarbij de hond weer mank gaat lopen vanwege dit probleem, laat de hond opnieuw opereren.

2) Een tweede operatie techniek is een hele zware techniek. Men zaagt het dijbeen en scheenbeen bot op de plek waar het enigszins krom is door en zet het weer recht aan elkaar. Hierdoor is blijvend de groeve wel in staat de knieschijf op zijn plaats te houden.

Dit is wel een bijzonder zware operatie van 4000 a 5000 euro per knie. Maar wordt bij de grote rassen met zeer veel succes toegepast.

3) Goedkoper dan optie 2 is het om de nieuwste operatietechniek toe te passen. (ridgestop techniek)

In de plaats van een groeve uit te diepen en de randen van eigen botmateriaal te laten bestaan, wat immers na een bepaalde tijd weer is afgesleten, kan men ook een implantaat plaatsen. Dit implantaat wordt zeg maar de rand van de groeve. Dit implantaat is gemaakt van het zelfde materiaal waarvan al jaren met veel succes heupimplantaten worden gemaakt. Het materiaal slijt dus niet en geeft geen irritaties.

Het voordeel van deze techniek is drieledig. Ten eerste kan de groeve niet meer uitslijten en dus blijft de knieschijf op zijn plaats zitten.Ten tweede moet bij de oude operatie de groeve uitgediept worden. Hierbij gaat het kraakbeen vaak verloren en dat betekend dat de knieschijf over een rauwe ondergrond heen en weer schuift wat toch pijnlijk is. Bij techniek 3 blijft al het aanwezige kraakbeen echter gewoon intact. En ten derde blijken de honden na deze operatie ongelofelijk snel te herstellen. De eerst paar dagen tot een week gebruiken ze de poot liever niet, maar daarna hebben ze de indruk dat alles weer als vanouds is.

Deze nieuwe techniek wordt nu een aantal jaar met succes toegepast. En ook wij bieden, op onze praktijk deze techniek aan. Onze eerste succesvolle patienten hebben we al rond lopen.

Van de drie bovenste operatie technieken zijn de eerste en de laatste bij ons op de praktijk mogelijk. Omdat in het eerste geval er toch een grote kans bestaat dat de operatie na enige tijd opnieuw gedaan moet worden gaat ons advies uit naar de implantaat techniek (ridgestop techniek).

Heeft u een hond waarbij de knieschijf af en toe verplaatst, of heeft u een hond die af en toe met een van de twee achterpoten ineens omhoog loopt om hem een klein tijdje later gewoon weer neer te zetten, kom langs en laat ons uw hond helpen 010 2950530.


Meniscusproblemen

In de knie liggen tussen het bovenbeen en het onderbeen twee half ronde kraakbeen ringen, de meniscussen. Bij het springen van de hond vangen deze kraakbeen ringen de klappen op en verdelen de druk. Ze zijn erg belangrijk om het bot en het kraakbeen van de knie te beschermen. Een niet goed werkende meniscus zorgt altijd voor gewrichtsslijtage.

In de knie liggen tussen het bovenbeen en het onderbeen twee half ronde kraakbeen ringen, de meniscussen. Bij het springen van de hond vangen deze kraakbeen ringen de klappen op en verdelen de druk. Ze zijn erg belangrijk om het bot en het kraakbeen van de knie te beschermen. Een niet goed werkende meniscus zorgt altijd voor gewrichtsslijtage.

Toch breekt er wel een een stukje los van zo’n half rondje. Op sommige plekken zit er een bloedvoorziening om evt reparatie mogelijk te maken, maar dat geldt eigenlijk alleen maar voor de buitenrand, het midden en de binnenrand kan, als het eenmaal kapot is niet meer herstellen.

Zo’n kapot stukje geeft echter wel pijnklachten. Zeker als het de meniscus is die aan de binnenzijde van het been zit. Deze zit namelijk vast aan de gewrichtsband en geeft daardoor zijn pijn duidelijker door aan het lichaam.

Als een knie om welke reden dan ook verkeerd bewogen wordt kan zo’n meniscus scheur ontstaan.

Als uw hond een kapotte kruisband heeft of een verschuiving van de knieschijf (patella luxatie) is de kans dat de meniscussen beschadigd raken zeer groot. Omdat dan het dijbeen en de scheenbeen afwijkend bewegen wordt er te hard, ruw en onnatuurlijk aan de meniscussen getrokken waardoor deze makkelijk scheuren.

Wat u als eigenaar opvalt is dat de hond last heeft van zijn knie, pijnlijk is en/of mank loopt.

Als de hond last heeft van zijn meniscus moet de knie altijd operatief gecontroleerd worden en moet dit kapotte deel verwijderd worden. Pas daarna wordt de pijn minder en zal gewrichtsslijtage minder snel ontstaan

Als een hond een kapotte kruisband of een verschuiving van de knieschijf moet ook altijd de meniscussen gecontroleerd worden.

Mocht u hond last hebben van knieproblemen, kom dan langs op onze vestiging in Hoogvliet, 010 2950530.

 

  • Yolanda Elbertse, dierenarts